Write On Thursday is een initiatief van Karin Ramaker om naar aanleiding van een door haar opgegeven woord vrij te schrijven. Wat doe jij met het woord. En wat doet het woord met jou? Vandaag #WOT 6, een lastige het woord KAPSTOK:
[zelfstandig naamwoord]• plank of standaard met haken om jassen aan op de hangen kapstok (zn): aanknopingspunt
Voor mij een mooi aanknopingspunt om weer eens te werken met gebruik van een mindmap. Sinds ik werk met mindmaps merk ik dat ik beter kan onthouden, lezen, leren, vasthouden, ideeën bedenken, uitwerken en schrijven.
Zie mijn poging hieronder naar aanleiding van het #WOT-woord van deze week:

Een mindmap is een heel persoonlijk document:
houvast voor de maker, maar voor degene die hem niet heeft bedacht en gemaakt, is er wellicht geen touw aan vast te knopen.
Daarom een korte toelichting:
In het midden het centrale woord kapstok. Vanuit de definitie trok het woord aanknopingspunt het eerst mijn aandacht en werd ik al gauw gebracht naar het idee van het maken van een mindmap om mijn gedachten vast te leggen.
Bij de letterlijke betekenis van het woord kapstok gingen mijn gedachten meteen uit naar onze antieke bruine mahoniehouten kapstok, die met ons is meegegaan vanaf het begin van ons huwelijk. Vanaf Curaçao, waar wij samen begonnen en waar we twintig jaar samen hebben gewoond.
De kapstok is een familiestuk van mijn man, daar geheel passend in het koloniale interieur van het landhuis van zijn ouders. Raar eigenlijk, bedenk ik me nu, een kapstok in het land van geen jassen. Wij gebruikten de kapstok in onze slaapkamer, om er ons nachtgoed en kleding voor de volgende dag op te hangen.
De kapstok ging met ons mee. Naar Nederland. In 2009. We lieten zo veel mogelijk achter op het eiland, maar kozen er voor juist de paar familiestukken mee te nemen. Ons huis zal altijd een mix zijn van de Antilliaanse, Friese en Nederlandse cultuur.
Mijn eerste jas in Nederland kocht ik nadat die hele mooie zomer van 2009 vrij rap overging in lange, strenge, sneeuwrijke winter. Meermalen liep ik per ongeluk zo de vrieskou in, nog niet weer gewend aan het dragen van een jas.
Vorig jaar was – zoals sommigen van jullie weten – mijn jaar van revalidatie. Als gevolg van langdurige stress en een aangeboren hersenbeschadiging – liep ik lichamelijk helemaal vast. Ik wam terecht in de revalidatiekliniek in Beetsterzwaag. Met behulp van een heel team artsen en therapeuten leerde ik om mijn overlevingsjas uit te trekken. De jas van het altijd maar doorzetten en doorgaan, presteren, perfectionisme, meer doen, harder werken. Doodongelukkig werd ik er van dat die vertrouwde jas me werd afgenomen. Ik voelde me naakt, ongemakkelijk, oncomfortabel en kwetsbaar.
Terwijl ik daar zat was ik aan het haken, een veelkleurig vestje. Eerst was het veel te groot. Ik haalde het uit en begon opnieuw. Veel te krap – of was ik inmiddels zo gegroeid? Enfin mijn veelkleurige vestje ging naar mijn dochter. En ik? Ik ben nog steeds op zoek naar de jas die mij het beste past. Voorlopig doe ik het met wat ik heb, maar ik ga hem vinden: die ene voor mij op maat gemaakte jas.
Tja en dan weer terug naar die echte kapstok. Bij binnenkomst in ons huis hangt’ie rechts aan de muur. Vaak een doorn in mijn oog. Rommelig, volgesmeten met te veel jassen en de uitgetrapte schoenen op een stapel er onder. Schooltassen op de grond. Sjaals en mutsen bovenop de kapstok geslingerd.
Zucht.
Family life.
Nu soms tot mijn grote ergernis een zootje.
Maar wat zal ik het missen als ze straks allemaal de deur uit zijn.
Geef mij dan maar die volgegooide kapstok.
En een jas op maat.
53.192554
5.991067